Gastouder wel degelijk ondernemer volgens KNGO

DATUM: 21 september 2016

Vorige week schreven wij over de rechtszaak die de discussie over het rechtmatig ondernemerschap van gastouders weer eens deed oplaaien. Het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden oordeelde dat een door de Belastingdienst aangeklaagde gastouder moest afzien van haar fiscale ondernemersvoordelen en een flinke geldsom aan niet-betaalde belastingen moest ophoesten.

Onjuiste argumenten van Belastingdienst en Gerechtshof

Volgens het KennisNetwerk Gastouderopvang (KNGO) heeft de rechter zijn uitspraak gedaan op grond van onjuiste argumenten. Het Gerechtshof verweet de gastouder te weinig zelfstandigheid ten opzichte van het gastouderbureau, een te uniform uurtarief en het lopen van te weinig traditionele ondernemersrisico’s.

Hoewel de advocaten van de gastouder deze argumentatie onvoldoende wisten te weerleggen, is het volgens het KNGO wel degelijk mogelijk om het tegendeel aan te tonen. De organisatie geeft hiervoor op haar website de volgende argumenten.

Te weinig zelfstandigheid van gastouder

Zelfstandigheid is een van de klassieke criteria die de Belastingdienst hanteert bij het beoordelen van iemands ondernemerschap. Gastouders moeten zelf kunnen beslissen over de inrichting van hun opvang en de daarbij horende werkwijze, anders is er sprake van onvoldoende zelfstandigheid. In deze specifieke rechtszaak oordeelde de rechter dat de gastouder niet zelfstandig is, omdat het gastouderbureau teveel toezicht zou houden.

Het KNGO stelt hier tegenover dat een gastouderbureau per definitie niet de rol van toezichthouder vervult, omdat dit reeds de taak is van de GGD (gemeente). Een gastouderbureau is technisch gezien niet meer dan een begeleider en bemiddelaar, die de gastouder en ouders voorziet van de benodigde (administratieve) ondersteuning.

Te weinig risico’s voor gastouder

Van oudsher hebben ondernemers te maken met typische ondernemersrisico’s die de continuïteit van het inkomen bedreigen. Denk hierbij bijvoorbeeld aan klanten die betalingsverplichtingen niet nakomen, leveranciers die bestelde producten niet leveren en opdrachtgevers die zich niet houden aan eerder gemaakte afspraken. Volgens het Gerechtshof zou de gastouder in kwestie onvoldoende van dit soort risico’s lopen.

Het KNGO ziet dit echter anders. De organisatie stelt dat gastouders wel degelijk risico’s lopen, waaronder ziekterisico, debiteurenrisico, investeringsrisico en continuïteitsrisico. De vraag naar opvang kan afnemen, de gastouder kan ziek worden, het gastouderbureau kan ophouden te bestaan of ouders kunnen hun betalingsverplichtingen niet nakomen. In al deze gevallen worden de inkomsten van de gastouder bedreigd.

Uurtarief niet marktconform genoeg

In deze rechtszaak kwam naar voren dat de gastouder in kwestie haar uurtarief teveel afstemde op de wensen van het gastouderbureau. Dit staat haaks op de uurtarieven zoals een klassieke ondernemer die hanteert, op basis van de gangbare tarieven in de markt.

De meeste gastouders in Nederland bepalen hun uurtarief echter wel degelijk zelf, zo meent het KNGO. De uurtarieven variëren onder meer op basis van de achtergrond en opleiding van de gastouder, de precieze dienstverlening, de voorzieningen en de regio. In veel gevallen is het uurtarief van gastouders dus wel marktconform.

Bezwaar indienen

Wordt jouw ondernemerschap ook door de Belastingdienst in twijfel getrokken? Dan verzoeken wij je contact met ons op te nemen. Als de Belastingdienst zich baseert op vergelijkbare argumentatie zoals hierboven, is het zaak dat er een sterk onderbouwd bezwaar wordt ingediend. Ook is een goede rechtsbijstand gedurende een eventuele rechtsgang absoluut onmisbaar.