Misvatting over kinderopvang: goed maar duur

DATUM: 2 januari 2019

Enige tijd geleden bracht het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) het rapport ‘Kijk op de kinderopvang’ uit. Doel was met name het in kaart brengen van het imago van de Nederlandse kinderopvang bij ouders. En wat blijkt: ouders zijn over het algemeen positief over de kwaliteit, maar kritisch over de kosten.

Gastouderopvang toegankelijker dan kinderopvangcentra

Opvallende trend in het rapport is de stijgende betrokkenheid van vaders. Inmiddels blijft 7 op de 10 vaders een deel van de week thuis terwijl de moeder werkt. De traditionele scheidslijn tussen de verzorgende rol van de moeder en de werkende rol van de vader begint hierdoor steeds meer te vervagen. Beide ouders werken én zorgen voor het kind.

Ook de toegankelijkheid van de kinderopvang komt in het rapport aan bod. Veel ouders ervaren het halen en brengen van hun kind binnen de openingstijden bijvoorbeeld als stressvol. Ouders die hun kind naar de gastouder brengen, zien dat minder vaak als een probleem. Dit komt waarschijnlijk doordat gastouders doorgaans meer opties bieden om breng- en haaltijden af te stemmen.

Ook een belangrijkste aspect blijkt de aanvraag van kinderopvangtoeslag. Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid Tamara van Ark is momenteel bezig om dit proces laagdrempeliger te maken. Ze wil ouders met name ondersteunen bij het vooraf inschatten van opvanguren en het tijdig doorgeven van wijzigingen in (persoonlijke) gegevens.

Ouders tevreden over kwaliteit kinderopvang

Over de kwaliteit van de kinderopvang hebben ouders in het rapport veel goeds te melden. Een kinderopvangvorm als gastouderopvang scoort traditioneel goed op elementen als individuele aandacht en emotionele kwaliteit. Maar ook in zijn algemeenheid geven ouders hun eigen kinderopvangvoorziening gemiddeld het cijfer 8.

Gastouderopvang goedkoper dan gemiddeld

Het meest opvallende onderdeel in het rapport van het SCP heeft betrekking op de betaalbaarheid van kinderopvang. Bijna de helft van de ouders vindt kinderopvang namelijk duur en dat geldt met name voor de groep met midden- en hogere inkomens. Deze perceptie is opvallend, want in de afgelopen jaren heeft het kabinet juist veel geïnvesteerd in kinderopvangtoeslag.

Ook in 2019 volgt wederom een forse investering van 248 miljoen euro. Experts vermoeden dat het verkeerde beeld mede ontstaat door kinderopvangcentra die bovengemiddeld hoge kosten in rekening brengen. Deze zijn relatief duur in vergelijking met voordeliger alternatieven zoals gastouderopvang. Staatssecretaris Van Ark stelt een onderzoek in naar het imagoprobleem.